Over

Wat is een AED?
AED staat voor Automatische Externe Defibrillatie.

Wanneer iemand een hartinfarct doormaakt sterft er een gedeelte van het hartweefsel af door onvoldoende aanbod van zuurstof aan het hart. Als gevolg daarvan kan het normale elektrische geleidingssysteem dat de hartslag verzorgt ernstig verstoord raken. Hierdoor kunnen hartritmestoornissen ontstaan die tot een stilstand van de bloedcirculatie kunnen leiden. Er heerst dan totale chaos in de elektrische geleiding van het hart. De kamers (ventrikels) van het hart die verantwoordelijk zijn voor het rondpompen van het bloed door het lichaam zullen gaan trillen (fibrilleren) in plaats van samenknijpen. Het gevolg daarvan is dat het hart niet langer meer bloed door het lichaam zal rondpompen. Ventrikelfibrillatie (het trillen van de hartkamers) is een veel voorkomende complicatie die vaak direct of binnen 24 uur na het ontstaan van het hartinfarct optreedt. In meer dan 90 % van de gevallen waarin iemand plotseling in elkaar zakt en een stilstand van de bloedsomloop heeft, zal ventrikelfibrillatie al dan niet ten gevolge van een hartinfarct hiervan de oorzaak van zijn.

De enige doeltreffende eerste hulp in zo`n geval bestaat uit het toepassen van defibrillatie. Met alleen hartmassage en mond op mond beademing (reanimatie) houdt men kunstmatig de circulatie van het bloed op gang. De hersenen die het meest afhankelijk zijn van zuurstof krijgen op die manier zuurstofrijk bloed aangeboden wat de kans op herstel sterk zal verbeteren. De oorzaak van de circulatiestilstand (de ventrikelfibrillatie) zal men echter niet met alleen hartmassage en mond op mond beademing kunnen opheffen. Hiervoor dient het hart gedefibrilleerd te worden. Defibrillatie houdt in dat men een hoeveelheid stroom door het hart stuurt die de elektrische chaos in het hart tot stilstand brengt. Hierna kan het hart weer in een normaal ritme gaan kloppen.

Het belang van vroegtijdige defibrillatie is gelegen in het feit dat hiermee de kans op herstel tot 70 % stijgt. Dit geldt echter alleen wanneer dit binnen de eerste zes minuten na het ontstaan van de vermoedelijke hartstilstand plaatsvindt. Onderzoek heeft aangetoond dat iedere minuut na het ontstaan van de circulatiestilstand de overlevingskans van het slachtoffer met 10 tot 12 % afneemt. Wanneer u zich voorstelt dat de aanrijdtijd van een ambulance al gauw 10 tot 15 minuten kost, is het duidelijk dat vroegtijdige defibrillatie van levensbelang is. Voorheen was het zo dat alleen speciaal opgeleide verpleegkundigen in ziekenhuizen of ambulancepersoneel deze apparaten konden en mochten bedienen. Naar aanleiding van verschillende onderzoeken onder leken heeft men deze apparaten (defibrillatoren) zo ver door ontwikkeld dat zij ook door (bijna) leken kunnen en mogen worden bediend.

Dit heeft geleid tot het ontstaan van de Automatische Externe Defibrillator (AED). Het apparaat bestaat slechts uit een aan-en-uit-knop, een analyseertoets en een schoktoets. Het enige wat de hulpverlener hoeft te doen is de twee zelfklevende elektroden op de borst van de patiënt aan te brengen en de instructies van het sprekende apparaat volgen. Tevens geeft het apparaat via een display aan wat de te volgen stappen zijn. Het apparaat analyseert automatisch het hartritme en geeft duidelijke instructies aan de hulpverlener. Het apparaat is volledig veilig in gebruik en zal niet reageren wanneer dit niet noodzakelijk is. Door gebruik te maken van een AED kan men het slachtoffer een optimale kans bieden om te overleven. Verschillende internationale onderzoeken hebben inmiddels het nut van de AED bewezen door een aanzienlijke daling van het sterftecijfer te laten zien. De AED verdient daarmee een bijzondere plaats bij de uitvoering van een reanimatie.

De kans om familieleden, vrienden en collega`s te redden, stijgt met 10% per minuut naarmate u de AED eerder inzet. In Nederland overlijden elk uur twee mensen aan een hartstilstand. In meer dan 85% van alle gevallen van plotselinge hartstilstand is het hartritme verstoord. Het hart klopt willekeurig in plaats van regelmatig: het fibrilleert en pompt geen bloed meer rond. De enige manier om terug orde op zaken te stellen is defibrillatie, ofwel het geven van een elektrische schok door middel van een automatische externe defibrillator (AED).

Waarom een AED?
Een hartstilstand is een groot gezondheidsprobleem in Nederland: jaarlijks worden omstreeks 15.000 Nederlanders getroffen door een hartstilstand buiten het ziekenhuis. Van degenen die een circulatiestilstand (met een collaps) krijgen in het bijzijn van anderen, overleeft tien procent tot ten minste ontslag uit het ziekenhuis. De oorzaak van een circulatiestilstand ligt meestal in het ontstaan van kamerfibrilleren, een ritmestoornis die resulteert in stilvallen van het hart als bloedpomp. De voornaamste reden waarom een reanimatie in zulke gevallen mislukt, is dat de defibrillatieschok te laat komt. Globaal daalt na een circulatiestoornis door kamerfibrilleren de kans op overleving elke minuut met 10%. Twaalf minuten na het ontstaan van de circulatiestilstand is die kans nog 9%.

Snelle reanimatie (beademen en hartmassage) en het gebruik van een Automatische Externe Defibrillator vergroot het overlevingspercentage met 70%.

Sinds 1980 is een Automatische Externe Defibrillator beschikbaar die met een zeer grote sensitiviteit en specificiteit onderscheid kan maken tussen hartritmestoornissen waarbij een defibrillatorschok is aangewezen en ritmes waarbij dit beslist niet het geval is. Het gebruik van deze defibrillator is door een doelgericht, automatisch ten gehore gebracht instructieschema en vergaande automatisering van de bediening zó duidelijk en gemakkelijk geworden, dat in principe iedere leek ermee kan omgaan.

Tot de komst van de AED was defibrilleren voorbehouden aan ambulance- personeel en artsen. Nederland heeft een goede ambulancezorg, maar het is onvermijdelijk dat het enige minuten duurt voordat de ambulance ter plaatse is. Het komt niet zelden voor dat een ambulance pas na tien tot vijftien minuten arriveert. Dat is voor het slachtoffer met een circulatiestilstand dan al vaak te laat.

De Nederlandse Reanimatie Raad, gedragen door onder meer de Nederlandse Hartstichting, Het Oranje Kruis, het Nederlandse Rode Kruis en vereniging van Artsen, volgt de wereldwijde opvatting onder deskundigen dat het gebruik van de AED bevorderd moet worden.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft in april 2002 opdracht gegeven via een Algemene Maatregel van Bestuur de Wet BIG zodanig te wijzigen dat het gebruik van de AED door medische leken is toegestaan. Hiermee is de mogelijkheid geschapen dat iedereen na een korte training de AED mag hanteren.

In Nederland mag daarom iedereen (die kan reanimeren en de AED bedienen) als goed burger een AED inzetten als dit nodig is. Juridische bescherming wordt dus automatisch door de wet zelf geboden. Dit maakt de term `juridische afdekking` die soms gebruikt wordt, geheel overbodig.

Toonaangevende internationale organisaties zoals de American Heart Associan en de Europese Reanimatie Raad raden met klem aan deze defibrillatoren zoveel mogelijk in te zetten en leken te trainen in het gebruik ervan. Ook Stichting Kies voor Leven wil het gebruik van de AED stimuleren en bevorderen.